Alleen het Offer van Christus, en éénmaal
De eerste gemeente kwam eendrachtig bijeen in gebed en breking des broods, de gemeenschap en de leer der apostelen. Waarom is dit niet zo gebleven? Het Evangelie is toch zo eenvoudig; het is zo geschreven, dat kinderkens het begrijpen kunnen.
Waarom maken de mensen het altijd weer zo gecompliceerd?
Wat heeft de kerk in de loop der eeuwen niet rond de breking des broods heengebouwd! Een mis met vele gebeden, gedachten en intenties, een mystiek gebeuren, dat bedolven wordt onder wierook, kaarslicht en bloemen, pracht en praal van gewaden, bedwelming door Gregoriaanse muziek; een offer, een gevoelsoverweging, een rijke liturgie in vorm, maar veelal zonder hart?
Wat weet de doorsnee-protestant over de mis?
Men heeft het meestal over de ouwel, en dat de gelovigen niet mogen drinken van de wijn.
Wat weet een doorsnee-rooms katholiek van de mis?
De doorsnee-leek laat het gebeuren over zich heengaan. Hij wacht tot het is afgelopen. Dan heeft hij zijn plicht gedaan. En thuis gekomen zet hij zijn kerkboek op de plank en gaat over tot de orde van de dag, wat praktisch betekent: de zondag is voorbij. De misweken hebben hier wel enige verbetering in aangebracht, maar ook die verbetering heeft zich slechts aan de oppervlakte afgespeeld. Hoe kan het ook anders, waar het gaat over zulk een ernstige afdwaling van de Bijbel?
Bij de offerande begint de vrome rooms-katholiek te knielen en de onverschillige denkt: „Het schiet al op!"
Over deze offerande nu gaat het. Zij is zo geheimzinnig verborgen tussen een stroom van gebeden en handelingen, en juist dààrin schuilt het grote onbijbelse gebeuren van het offeren nà en nààst het Offer van Christus.
Bij de offerande van brood en wijn met water, zegt de priester letterlijk: „Neem Heilige Vader, Almachtige, Eeuwige God, dit onbevlekt offer aan, dat ik, Uw onwaardige dienaar, U mijn levende en ware God, opdraag voor mijn talloze zonden, nalatigheden en gebreken, en voor alle omstanders, en voor alle gelovige Christenen, levenden en doden, opdat het hun en mij helpe ter zaligheid en ten eeuwige leven".
Heeft Christus niet voor alle zonden voldaan aan het kruis, en gezegd: „Het is volbracht"?
Hebr. 7:27 zegt: Want zodanig een Hogepriester betaamde ons, dien het niet alle dagen nodig was, gelijk de hogepriesters, eerst voor zijn eigen zonden slachtofferen op te offeren, daarna voor de zonden des volks; want dat heeft Hij éénmaal gedaan, toen Hij zichzelf opgeofferd heeft"; eveneens Hebr. 9:25-26 (Wanneer Jezus zegt „doet dit ter mijner gedachtenis", slaat dit alleen op het Heilig Avondmaal).
De Rooms-Katholieke kerk mag dan met allerlei uitleg komen, dat dit een medeofferen van de gelovigen is met het Offer van Christus aan de Vader, waarbij brood en wijn de zinnebeelden zijn van ons leven, waar is de katholieke leek, die gedurende de offerande zichzelf in waarheid, niet met woorden, medeoffert?
Voor de katholiek is dit niet belangrijk, alleen de consecratie, waardoor hij heeft „misgehoord", en het al of niet communiceren is van belang voor hem. (Over de communie, avondmaal, gesproken, eenvoudige gelovigen, onbekend met Hebr. 7 en 9, ervaren hierin evengoed de gemeenschap met Christus; hier is een kardinaal stukje overgebleven uit de eerste Gemeente, en het is God's goedheid, dat zij in deze kerk, als leden van de Gemeente van Jezus Christus, dit ook mogen smaken. In waarheid, al weet de geestelijkheid dit niet, zijn zij de kurk, waarop deze kerk nog drijvende is.)
De Rooms-Katholieke kerk kan wel betogen, hoe deze offerande in de eeuwen ontstaan is, om de mensen daadwerkelijk in het Offer te betrekken, dit doet niet ter zake. Zit de mis reeds vol met de eredienst uit het Oude Testament, hier grijpt men ook nog terug naar de offerdienst, en dat kan God immers niet toestaan, hierdoor wordt de Heilige Geest op het diepst bedroefd, die immers alleen Jezus wil groot maken. Men wijst altijd weer op de leer der transsubstantiatie, maar deze is in feite een gevolg van de offerande, het nààst en nà Christus offeren.
Vele malen wordt in de mis gebeden „met de Heilige Geest", maar het is alleen een lippengebed. Bewijs en gevolg daarvan is, dat de leek niets weet van de Heilige Geest. Alleen in dagen van examens wordt wel een zgn. novene (gebed negen dagen herhaald) voor de Heilige Geest gebeden (gelezen).
Het kardinale punt is, dat door de menselijke instelling van het offer, alle andere dingen in deze kerk gekomen zijn in de loop der eeuwen.
Is het offer al in de eerste eeuwen in de kerk gekomen, de data van dogmatisering van de transsubstantie in 1215, de onbevlekte ontvangenis van Maria, en de onfeilbaarheid van de paus, veel en veel later, in 1850 en 1870.
Alle andere dingen daarna en niet daarvoor!
Is dit belangrijk?
Ja, dat is nu juist belangrijk, als een waarschuwing voor allen, en ook voor een gesprek met een zoekende katholiek.
We dienen direct door te stoten tot op de grondoorzaak.
Katholieken worden steeds aangevallen over de persoon van de paus en de Maria-cultus. Dan worden zij meestal kwaad. (Ofschoon zij in eigen kring vaak de spot drijven met dingen uit hun eigen kerk.)
Als voorbeeld diene het volgende:
Zal een goede paedagoog een kind aanvallen op zijn zichtbare fouten?
Immers neen, want dan ondervindt hij alleen verzet.
Hij zal trachten door te dringen tot de kern van het kwaad, en wordt dit bloot gelegd, dan zal dit het kind in plaats van kwaad te worden, ontwapenen, en doen openstaan voor een gesprek.
De katholiek moet daarom op de mis gewezen worden. Vraagt U er hem om, dan kan hij het niet verklaren. Het is een verborgen kwaad, totdat dit door de Geest iemand duidelijk wordt. Verborgen in de mystiek ligt daar een offer, terwijl met grote letters deze waarheid geschreven staat: ..Jezus gaf zijn bloed, voor zondaren, als een énig offer aan het kruis".
Een blijde werkelijkheid!
Dit geschrevene, een eigen ervaring, eindigt, waarmee het begon: Jezus alleen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 juli 1959
In de Rechte Straat | 20 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 juli 1959
In de Rechte Straat | 20 Pagina's
